Dynamische riviernatuur en het juk van onderhoudsdrang

Dynamische riviernatuur en het juk van onderhoudsdrang

Met de rivieren in de hoogwater-stand klinkt de loftrompet over de natuurlijke rijkdom en machtige dynamiek van ons rivierenlandschap. Maar er zitten wel wat addertjes onder het ondergelopen gras. 

Rijkswaterstaat en Staatsbosbeheer vierden deze week 25 jaar successen in natuurontwikkeling langs onze grote rivieren

Er is 6.700 hectare nieuwe riviernatuur bijgekomen en de soortenrijkdom langs de rivieren ging sprongen voorwaarts. Het rivierenlandschap is de enige plek in ons land waar natuurlijke rijkdom de afgelopen jaren toenam in plaats van achteruit kachelde. De bever, otter en zeearend zijn kroonjuwelen van die succesvolle natuurontwikkeling in de uiterwaarden. Met hoogwater ziet het er fantastisch uit:

‘Rivieren zijn levende karakters’

Toch knaagt er ook ongemak. Dat werd deze week duidelijk in twee online-bijeenkomsten van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat.

Minister Cora van Nieuwenhuizen sprak mooie woorden: ‘Rivieren zijn levende karakters die zich niet makkelijk laten temmen. Waterveiligheid gaat samen met natuurontwikkeling en die aanpak zetten we door in de Kaderrichtlijn Water en voortzetting van programma-aanpak Grote Wateren.’ 

Haar ministerie organiseerde deze week ook een groots opgezette bijeenkomst over onderhoud van de uiterwaarden. En daarbij wordt robuuste natuurontwikkeling vooral gezien als een ontwikkeling die je moet reguleren en intomen. Want niet ecologische processen mogen leidend zijn, maar normen voor waterveiligheid en scheepvaartbelangen. 

Veiligheid voorop

Rijkswaterstaat spreekt altijd in dezelfde drieslag over rivieren. Veiligheid staat voorop, daarna volgt bevaarbaarheid en als sluitstuk wordt het belang van recreatie en natuur genoemd. ‘Beheren en onderhouden’ van de uiterwaarden zijn de werkwoorden van Rijkswaterstaat.

Onderhoud aan de oevers van de IJssel in opdracht Rijkswaterstaat

En dat is een andere insteek dan bij experts van riviernatuur, onder wie boswachter Thijmen van Heerde. Hij zegt: ‘De rivier krijgt haar dynamiek weer terug. De natuur geven we weer de ruimte. De natuur maakt het af, zoals het zou moeten zijn. Wij zijn nu klaar en de natuur ontwikkelt zich verder en verder. Na een hoogwater verschijnt ergens een bosjes of ontstaat een rivierduin.’

Dat is een mooi ideaal. Maar de werkelijkheid is dat riviernatuur zich slechts mag ontwikkelen in een keurslijf van de Waterwet. Daaruit is een zogeheten vegetatielegger  voortgekomen, waarin tot op de meter nauwkeurig beschreven staat waar spontane begroeiing wel en niet is toegestaan langs onze rivieren.

Sylvo Thijsen erkent: lastig punt

Deze onderhoudsmatige benadering van riviernatuur verdraagt zich moeilijk met spontane natuurontwikkeling langs de rivieren. Waarom moet het bosje worden gekapt waar de bever hout knaagt? Waarom moet op last van Rijkswaterstaat die uit zichzelf gegroeide boom verdwijnen? Waarom is struikgewas langs oevers taboe? Waarom mag een omgevallen boom niet blijven liggen?

Staatsbosbeheer-directeur Sylvo Thijsen erkent dat ‘hier een lastig punt’ ligt.

En met ‘hier’ doelt hij met name op ooibossen, de spontaan gegroeide oerbossen in de uiterwaarden. Die gaan niet altijd samen met beheeropvattingen van Rijkswaterstaat. ‘Het levert nog wel eens strijd in het veld op, welke boom wel of niet mag blijven staan. Daar schuurt het’, zei hij deze week in een gesprek over afsluiting van het programma Nadere Uitwerking Rivierengebied (NURG).

Bever knaagt in ooibos langs de IJssel
Bever zet tanden in het spontaan gegroeide ooibos. Zo helpt dit rivierdier mee aan onderhoud.

Werk samen met natuur

Op de bijeenkomst waar Thijsen deze woorden sprak, klonk de oproep bij het publiek: Maak natuur niet tot sluitstuk van veiligheidsbeheer, maar werk meer samen met de natuur in de hoogwaterveiligheid. 

Rijkswaterstaat-directeur Oost-Nederland Marjolijn van de Zandschulp beklemtoonde dat haar organisatie ‘niet alleen een grijze, maar ook een groene kant heeft.’

Rivieroever is geen wegberm

Om grijze en groene belangen bij elkaar te houden is het nodig dat niet waterstaatkundige rekenmodellen leidend en maatgevend zijn. Laat ook het besef groeien dat dynamische riviernatuur tekort wordt gedaan met een onderhoudsmatige benadering. Anders gezegd: een natuurlijke rivieroever vraagt om een andere aanpak dan een wegberm. 

Over het succes van riviernatuur gaat het ook in een aflevering van de podcast Rivierverhalen over de IJssel. Beluister ‘m hier.

Update: In reactie op dit verhaal geeft bioloog Patrick Jansen van Universiteit Wageningen zijn instemming:

Tags: , , , , , , , ,

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *