Ambachtelijke riviervisserij immaterieel erfgoed

Het ambachtelijk riviervisserij-bedrijf van Frans Komen uit Terwolde is officieel erkend als immaterieel erfgoed. 

Tekst en foto's: Wim Eikelboom / Rivierverhalen

Riviervisserij is sinds april 2021 bijgeschreven als Inventaris bij het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed. Riviervisser Frans Komen heeft zichzelf daarvoor aangemeld. Daarmee spreken de riviervissers de wens uit om hun ambacht te behouden voor de toekomst.

Op de lijst Inventaris Immaterieel Erfgoed Nederland staat ook heggenvlechten, midwinterhoorn bouwen, handmatig klompen maken en het sinterklaasfeest. Plaatsing op de inventarislijst Immaterieel Erfgoed verplicht de riviervissers om zich in te spannen voor instandhouding van hun ambacht. 

Met dit authentieke schip vissen vader en zoon Komen op zoetwatervis. Hier zijn ze op de IJssel onderweg naar het Zwartemeer.

Visrechten

Ambachtelijke riviervisserij wordt in ons land nog door twee bedrijven beoefend: vader en zoon Komen uit Terwolde en firma Klop en zonen in Hardinxveld-Giessendam. Beide visserijbedrijven werken op basis van historische visrechten, die vaak eeuwen oud zijn. Deze visrechten geven hen de mogelijkheid om riviervissen te vangen met netten en fuiken. Ook vangen beide vissers wolhandkrab, voor de export naar Zuid-Europa.

Hier en daar wordt ook visrecht verleend aan kleine ondernemers die snoekbaars uit de rivier halen. Vishandel Timmerman uit Genemuiden heeft bijvoorbeeld zo’n visrecht voor een aantal plekken langs de IJssel.  

Frans Komen vist sinds 1975 als riviervisser. Hij kocht oude visrechten van riviervissers die stopten.

Aalvangstverbod nekslag

Riviervisserij is van oudsher een bloeiende bedrijfstak op de Rijn, Waal, Lek, Nederrijn en IJssel. Van 1200 tot 1950 kende vrijwel elke stad of elk dorp langs een rivier een beroepsvisser. Het waren er honderden. Er werd op zalm, steur en snoekbaars gevist voor consumptie. Toen de kwaliteit van het rivierwater verslechterde door industriële lozingen, kwam de klad in de riviervisserij. De nekslag voor de beroepsmatige riviervisserij was het aalvangstverbod in 2011. Dat verbod geldt tot op de dag van vandaag, omdat er te hoge gehalte aan dioxine wordt aangetroffen in paling. 

Snoekbaars

In 1975 begon Komen als riviervisser. Sinds het verbod op palingvast, vist Frans Komen alleen nog commercieel op snoekbaars op de het Bylandskanaal en op het Zwartemeer. Op de IJssel mag hij geen netten plaatsen; al heeft Komen daar wel de visrechten. Komen verhuurt ook visrechten voor de hengelsport langs de Waal, Rijn en Bylandskanaal, vanaf de Duitse grens tot Bemmel. En hij voert visserijkundig onderzoek uit in opdracht van de overheid. 

Tijdens het vissen in de rivieren, haalt Komen regelmatig ook bijzonder erfgoed boven water, zoals dit oude religieuze beeld.

In de podcast IJsselverhalen vertelt Frans Komen (68) over de bloei en de teloorgang van de riviervisserij. In zijn huis in Terwolde heeft hij een verzameling met netten en fuiken van voormalige riviervissers die er nog steuren en zalmen mee vingen. Frans vormt samen met zijn gelijknamige 39-jarige zoon het bedrijf. 

Lees ook

Contactgegevens: Wim Eikelboom