Tag: ooibos

ooibos in ochtend

Vijf tips om je onder te dompelen in een ooibos langs de rivier

Wie een Nederlandse jungle wil beleven, raad ik een wandeling aan in een ooibos. Een ooibos is een spontaan gegroeid bos langs een grote rivier.

Ooibossen zijn puur natuur. Er is geen mensenhand aan te pas gekomen. De rivier neemt zaden mee van wilgen en populieren. Zulke boomsoorten groeien met graagte in uiterwaarden waar natuur de vrije hand krijgt. Het resultaat is een dicht bos waarin bomen sneuvelen en mogen blijven liggen. In zekere zin zijn dit de oerbossen van de toekomst.

Op tal van plekken langs de Waal, Maas en IJssel kun je een ooibos ervaren. Hierbij vijf ooibos-tips. Of om in de bewoordingen van de Japanse bosbaden-cultuur te spreken: Vijf tips om jezelf onder te dompelen in een ooibos.

1. Duursche Waarden

Langs de IJssel tussen Wijhe en Olst kun je een prachtige wandeling maken door twee soorten ooibos: hardhout en zachthout. Het oogt weelderig en hier en daar wild. Hardhout ooibos bestaat uit eiken en elsen; boomsoorten die niet graag langdurig met de onderstam in het water staan. Dit ooibos is een officieel bosreservaat met katwilgen, schietwilgen en amandelwilgen.

2. Millingerwaard

Misschien wel het meest bekende ooibos van ons land staat in de Millingerwaard. Het zeventig jaar oude wilgenbos van de Kekerdomse waard is een aanrader voor een wandeling, maar de oevers van de Waal geven ook andere mogelijkheden om te struinen door ooibos.

3. Afferdense en Deetse Uiterwaarden

In dit riviernatuurgebied langs de Waal zijn recent meestromende geulen gegraven en er zijn uiterwaarden verlaagd, waarbij ook ooibos is verloren gegaan. Maar in het gebied kun je naar hartelust struinen op zoek naar sporen van de bever en de das, die leeft aan de randen van de hardhoutooibossen in deze rivieroevers.

4. Blauwe Kamer

Langs de Nederrijn aan de voet van de Grebbeberg is het ooibos van de Blauwe Kamer te vinden. In de wilgenbossen is de natuurlijke rijkdom groot. In elk jaargetijde heeft dit gebied veel te bieden voor de struiner.

5. Koningssteen

Op de grens van Limburg en Belgie stroomt de Grensmaas. In natuurgebied Koningssteen heeft de natuur al dertig jaar lang de ruimte en de fraaie resultaten daarvan zie je in dit prachtige staaltje riviernatuur in Zuid-Nederland.

Ooibos langs de Waal.

Meer weten over de geschiedenis van bossen langs de rivieren? In dit verhaal vertel ik over de geschiedenis van ooibos. Over zwarte populieren – een vrij zeldzame boomsoort langs de rivieren – kun je hier lezen.

Marsman krachtpatsers op retour

Oerhollandse zwarte populieren zijn bewakers van het oude cultuurlandschap langs onze grote rivieren. Ze ruimden afgelopen eeuw het veld, maar het tij lijkt te keren. 

Het meest bekende gedicht over onze grote rivieren is dat van Hendrik Marsman met de befaamde openingsregel: Denkend aan Holland zie ik brede rivieren, traag door oneindig laagland gaan.

Na het stromende water volgt een ode aan de typische rivierboom:

rijen ondenkbaar
ijle populieren
als hoge pluimen
aan de einder staan. 

Populieren horen bij het Hollandse rivierlandschap. Langs de Maas staan ze als bakenbomen, die schippers de vaarweg markeren bij mist en slecht zicht. Langs de Rijn, Waal en IJssel hoort de populier vanouds ook thuis. En dan gaat het om de zwarte populier, want dat is de inheemse boomsoort die langs onze rivieren als de beste gedijt. Zaden van de zwarte populier verspreiden zich met hoogwater en zorgen voor opschietende ooibossen in de natuur aan oevers van rivieren. Buiten de natuurreservaten zijn de afgelopen driehonderd jaar zwarte populieren verdrongen door de canadese populier, die supersnel groeit en daardoor aantrekkelijk was voor de houtindustrie en de klompenmakerij.

Peppels

In de volksmond heten ze peppels. En dat verwijst naar het Griekse woord paipolos en dat betekent ‘trillen’. Bij een zuchtje wind beginnen bladeren van populieren te bewegen en dat geeft een ruisend geluid. Het ruisen van populieren inspireerde veel poëten tot een gedicht over deze bomen. De uitdrukking ‘popelen van ongeduld’ schijnt ook hiervan afgeleid te zijn.

De zwarte populier kan goed tegen natte voeten en groeit bij voorkeur op plekken die af en toe onder water stromen. Uiterwaarden dus. In ooibossen tieren ze welig.

Rijkswaterstaat heeft het niet zo op rijen populieren; vooral niet als die haaks op een rivieroever staan. Want bij hoog water zou zo’n bomenrij een barrière kunnen vormen die de doorstroming belemmert, waardoor de veiligheid in gevaar komt.

Cultuurlandschappelijk erfgoed

Op veel plekken langs onze rivieren zijn populieren verdwenen de afgelopen honderd jaar. Daarmee is de zwarte populier in zekere zin een bedreigde boomsoort te worden. Bert Maes legde daar eind 2019 de vinger bij toen hij een plan presenteerde voor behoud van groen erfgoed. In dat plan werd met name de zwarte populier genoemd als oorspronkelijke autochtone oerboom.

Zwarte populier bij Zalkerbos met stamomtrek van ruim zes meter.

De zwarte populier is heden ten dage feitelijk cultuurlandschappelijk erfgoed. Slechts op enkele plekken langs onze rivieren staan nog exemplaren van deze houten makkers van honderd jaar oud. In Brummen bijvoorbeeld langs de IJssel. En langs de Waaldijk in Opijnen pronkt nog een zwarte populier van 112 jaar oud. Dat is de laatste der monumentale mohikanen in het rijk der zwarte rivier-populieren.

In maart 2020 zijn twee monumentale zwarte populieren omgezaagd langs de IJssel bij Zalk. Dat gebeurde op last van de gemeente Kampen. Als maker van de podcast Rivierverhalen heb ik een poging gedaan om aandacht te vragen voor het lot van deze bomen, zodat ze niet ongemerkt aan hun eind kwamen. Dat leverde in elk geval een mooi artikel op in de regionale krant.

Vlak voor de kap, spijkerde ik een gedichtje op de Zalker zwarte populieren als eerbetoon aan deze kanjers.

Tij lijkt te keren

Het tij lijkt te keren: op steeds meer plekken worden zwarte populieren geplant of herplant. En ooibossen waar ze nog staan, worden gekoesterd. Staatsbosbeheer heeft afgelopen jaren duizenden zwarte populieren met stekken opgekweekt in hun bomen-genenbank. En bij steeds meer boomplant-acties duiken zwarte populieren op. Dat gebeurt ondermeer in een hardhout-ooibos in de uiterwaarden van Schelle en Oldeneel in Zwolle. En dat gebeurt in de uiterwaarden bij Zalk in Overijssel. Waar na de kap van de twee reusachtige zwarte populieren de gemeente Kampen beloofd heeft om zwarte populieren te herplanten in de uiterwaarden van de IJssel.

En in Zwolle is een prachtige gekapte laan met canadese populieren recent vervangen door 130 – jawel – zwarte populieren. De laan ligt in het verlengde van de rivierdijk. Zwarte populieren hebben als voordeel dat ze minder gevoelig zijn voor takbreuk bij langdurige droogte.

Aanplant 130 zwarte populieren langs Schellerenkweg in Zwolle, in het verlende van de IJsseldijk.
Om te vieren dat de populierenlaan in ere is hersteld, schreef ik een gedichtje.

Ken jij plekken, waar recent zwarte populieren zijn geplant in het riviergebied? Laat het me weten? Mail naar: Rivierverhalen@solcon.nl

Welles-nietes-bossen langs rivieren

Bomen groeien graag in de nabijheid van rivieren. Niettemin hebben bomen en onze grote rivieren een haat-liefde-verhouding met elkaar. Wim Eikelboom, maker van de podcast Rivierverhalen, legt uit hoe de vork in de steel zit. 

Ons rivierenlandschap bestond ooit uit overvloedig bos. Daarna brak een tijd aan van ontbossing en tegenwoordig is bos weer in beperkte mate toegestaan. Dat heeft te maken met onze veranderende kijk op wat een veilige rivier is.

Rivierbos op een schilderij uit de 18e eeuw.

Op plekken waar je de natuur langs de rivier de vrije teugel laat, verrijst binnen de kortste keren een bos van jewelste. De rivier verspreidt zaden van wilgen en populieren en dat zijn bomen die razendsnel gedijen in uiterwaarden. Wilgen en populieren – waterminnende boomsoorten – groeien met snelheden van soms wel anderhalve meter per jaar. Er is geen enkel ander type bos dat zo snel tot ontwikkeling komt als een rivierbos.

Fraai spontaan gegroeid ooibos langs de IJssel tussen Wijhe en Olst.

Plan Ooievaar

Plan Ooievaar leidde ertoe dat eind jaren tachtig de beweging werd ingezet om de natuur meer ruimte te geven langs onze grote rivieren. Zo ontstonden weer ooibossen. Een ooibos is de naam van een spontaan gegroeid rivierbos. Ooi is een oud Duits woord voor een nat terrein in de nabijheid van een rivier. 

Rond de eeuwwisseling telde het Nederlandse rivierenlandschap ruim zestig ooibossen. Het paradepaardje was en is het ooibos in de Millingerwaard, langs de Waal.

Hoewel ooibossen bij hoogwater de golfslag dempen, kwam er afgelopen vijf jaar een tegenbeweging: Rijkswaterstaat zette rigoreus de kettingzaag in bomen en struiken langs de rivieren. Onder het adagium ‘Stroomlijn’ is ter grootte van ongeveer duizend voetbalvelden bos en struikgewas gerooid langs de Waal, IJssel, Maas en Rijn. 

Natuurlijk gegroeide wilgenbossen langs de oevers, zorgen bij hoog water voor gevaarlijke opstuwing en dat kan de waterveiligheid in gevaar brengen, vindt Rijkswaterstaat.

Rijkswaterstaat kwam tot het inzicht dat bomen en bossen weliswaar een verrijking zijn voor het landschap, maar ook een obstakel vormen bij hoog water.  Volgens Rijkswaterstaat kwam de veiligheid in het geding door de weelderige natuur langs de oevers. Bij hoog water zouden de natuurlijk gegroeide wilgenbossen voor zoveel opstuwing zorgen, dat de kans op dijkdoorbraken toenam. 

Natuurorganisaties gingen morrend akkoord met de gedwongen ontbossing langs de rivieren, op voorwaarde dat de meest bijzondere ooibossen gespaard bleven. Langs de IJssel gaat het om onder meer om Hengforden en de Duursche Waarden.

Kanotocht door ondergelopen rivierbos ter hoogte van Wijhe, langs de IJssel.

Rijkswaterstaat ging nog een stap verder en legde de spontane ontwikkeling van riviernatuur aan banden door invoering van een zogeheten vegetatielegger. Daarin staat nauwkeurig vastgesteld wat er voortaan mag groeien in de uiterwaarden. Omwille van de waterveiligheid is het aantal bospercelen langs onze rivieren flink beteugeld.

Eikvarens op een boom in ooibos.

Hardhout ooibos

Bossen die nog wel worden gestimuleerd, zijn hardhout-ooibossen. Dat zijn bossen van eiken, iepen en elsen op oeverwallen, oude rivierduinen en stroomruggen langs de rivier. Zulke bossen zijn in de loop van eeuwen grotendeels verdwenen omdat ze moesten wijken voor bewoning en landbouw op de verhogingen langs de rivieren.  

Eind 2020 is zo’n hardhout-ooibos aangeplant in de uiterwaarden langs de IJssel bij Zwolle, door vrijwilligers van natuurwerkgroep A Rocha Zwolle. Duizend stuks zomereik, fladderiep, zoete kers, winterlinde, kardinaalsmuts en sleedoorn groeien hier – met toestemming van Rijkswaterstaat – op een plek in de uiterwaarden die bij hoog water niet onderloopt.

De jonge aanplant in de Schellerwaarden moet op den duur een gevarieerde bos opleveren dat een verrijking is voor het IJssellandschap. Daarmee draagt Rijkswaterstaat in zekere zin bij aan Levende Rivieren, zoals geschets in een plan dat eind 2019 door het Wereld Natuurfonds en andere natuurorganisaties werd gepresenteerd. Dat plan breekt een lans voor meer hardhout-ooibossen in uiterwaarden. Deze bossen dragen eraan bij dat er langs de rivieren de komende generatie weer weelderige wildernisnatuur is te vinden, met een grote rijkdom aan dieren en planten.  

Zalkerbos

Het Zalkerbos is overigens een van de best bewaard gebleven hardhout-ooibossen van ons land. Dit 1200 jaar oude bos ligt op een oude zandige oeverwal langs de IJssel en bestaat uit hakhout van essen en iepen. Omdat het bos niet onder stroomt bij hoog water, kent het Zalkerbos bijzondere zeldzame planten, zoals slangenlook en besanjelier. 

Vroege voorjaarsbloeiers in het oudste hakhout-ooibos van Overijssel: Zalkerbos op oude rivierduin langs de IJssel

Contactgegevens: Wim Eikelboom